Door Tim Debroyer
Tijdens het zoeken naar ervaringen van mensen met multiple sclerose in het verleden, stootte ik op het krantenartikel ‘Gewezen MS-patiënte voert kampanje tegen fatalisme’ uit 1979. Daarin vertelde Zuster Myriam Verwilghen hoe ze door gezonde voeding en een natuurlijke levensstijl kon genezen van multiple sclerose. Volgens Zuster Myriam bood een campagne van de Belgische Multiple Sclerose Liga uit 1969 een te somber en weinig hoopgevend toekomstperspectief voor patiënten. Om daar een tegengewicht aan te bieden, besloot ze het tijdschrift ’t Kiempje op te richten. Dat moest mensen met multiple sclerose hoop bieden.

Tot op de dag van vandaag bestaat er geen genezende behandeling voor multiple sclerose; wel is er medicatie die de symptomen kan verzachten en het ziekteverloop doet vertragen. Maar door haar eigen verhaal en dat van anderen te delen, trachtte Zuster Myriam aan te tonen dat er wél een behandeling voor de ziekte was. Hoe moet ik als historicus omgaan met zulke onwaarschijnlijke verhalen over genezing? Historici Roger Cooter en Claudia Stein wezen er al op dat we het verleden vaak onbewust vanuit een moderne biomedische blik beoordelen. Is het, wanneer we die moderne biomedische bril even afzetten, denkbaar dat Zuster Myriam inderdaad genas?
“Mijn hele lichaam was ziek”
Om meer inzicht te krijgen in het levensverhaal van Zuster Myriam, ging ik te rade bij het Erfgoedhuis van de Zusters van Liefde, waar het archief van haar congregatie wordt bewaard. Haar dossier bevatte ook vijftien audiobandjes met lezingen over gezonde voeding en natuurlijke levenswijzen. Op één sterk versleten audioband is Zuster Myriam zelf te horen tijdens een Franstalige conferentie rond multiple sclerose die vermoedelijk in 1977 plaatsvond. Aan de hand van deze uitzonderlijke bron kan ik haar genezingsverhaal vanuit een nieuw perspectief benaderen.

“Tout mon corps était malade. Ce n’était pas seulement le système nerveux, c’était le sang, les dents, … tout le système lymphatique, les muscles, le tube digestif, et pas le moindre les nerfs. Je n’avais plus aucune force, la sensibilité, surtout superficielle, était ébranlée. La vue était troublée, je ne reconnaissais pas les gens à deux mètres de distance, alors que j’avais de très bons yeux.”
“Mijn hele lichaam was ziek. Het was niet alleen het zenuwstelsel: het was ook het bloed, de tanden, …, het hele lymfatische systeem, de spieren, het spijsverteringskanaal en zeker ook de zenuwen. Ik had helemaal geen kracht meer; de gevoeligheid van mijn huid was verstoord. Mijn zicht was troebel: ik herkende mensen niet op twee meter afstand, terwijl ik voordien zeer goede ogen had.”
Zuster Myriam, die verpleegkundige van opleiding was, ving de lezing aan met een gedetailleerde beschrijving van de symptomen die ze had doorgemaakt. Veel van wat ze beschreef—zoals problemen met het gezichtsvermogen, krachtsverlies en terugkerende opstoten na maanden of zelfs jaren—komt overeen met wat vandaag als typische kenmerken van multiple sclerose wordt gezien. Na enkele minuten maakt haar verhaal echter een duidelijke wending. Zo probeerde ze in navolging van een medezuster verschillende diëten om haar gezondheid te herwinnen.
Op Eversdieet
Zuster Myriam maakte in de jaren 1960 kennis met het dieet van dokter Joseph Evers. Ze besloot daarop af te reizen naar de Sauerlandklinik in het Duitse Hachen, waar dokter Evers zich voornamelijk toelegde op de behandeling van mensen met multiple sclerose. Hij behandelde haar daar kort en moedigde haar aan om het naar hem vernoemde dieet thuis strikt verder te volgen. Hij was ervan overtuigd dat multiple sclerose werd veroorzaakt door sterk bewerkte en geconserveerde voeding en schreef zijn patiënten daarom een voedingspatroon voor dat vrijwel volledig bestond uit rauwe en natuurlijke producten.
Nadat Zuster Myriam het Eversdieet enkele jaren strikt had gevolgd, beschouwde ze zichzelf als genezen. In 1972 werd ze overste van het klooster van de Zusters van Liefde in Lovendegem. Rond diezelfde tijd besloot ze ook het tijdschrift ’t Kiempje op te richten, dat later onder de titel Entre‑Nous en Lebe Gesund respectievelijk ook in het Frans en Duits zou verschijnen. Met die tijdschriften hoopte ze niet alleen het Eversdieet bekend te maken, maar ook mensen samen te brengen rond andere vormen van natuurlijke geneeswijzen. In 1976 verliet ze het klooster in Lovendegem en vestigde ze zich als alleenwonende zuster op een hoeve in Meise. Daar organiseerde ze bijeenkomsten om ervaringen met natuurlijke voeding uit te wisselen, maar ook om gezamenlijk te bidden.
Er bestaan geen ziekten, alleen zieken
Opmerkelijk is dat Zuster Myriam verderop in haar lezing uit 1977 aangaf nooit zelf een diagnostische test te hebben ondergaan. Daarnaast benadrukte ze hoe genezing ook een mentaal proces is. Zo trok ze zich na haar verblijf in Duitsland terug aan zee om te bezinnen, las boeken als De kracht van positiviteit en vond steun bij naasten. Uiteindelijk putte ze ook houvast uit haar geloof: “Er is dat vertrouwen nodig dat als de Schepper ons nog een tijd hier toewenst […] en wij alles doen om in overeenstemming met die wil te leven, het goed zal gaan.” Of het Eversdieet Zuster Myriam daadwerkelijk heeft genezen, relativeert ze aan het einde van haar lezing bovendien zelf: “Ik meen dat iemand nooit volledig genezen is […]. Er bestaan geen ziekten, alleen zieken.”

Terugblikkend op haar genezing, lijkt Zuster Myriam dankzij het Eversdieet vooral een nieuwe manier van in het leven staan te hebben gevonden. Dat onderstreept het belang van een onderzoeksblik die aansluit bij wat psychologe en medisch docent Johanna Shapiro ‘verhalende bescheidenheid’ noemt. Het blijft namelijk cruciaal om te erkennen dat genezingsverhalen als die van Zuster Myriam onvermijdelijk worden gevormd door persoonlijke en tijdsgebonden overtuigingen. Tegelijk vormde haar verhaal een vorm van zelfempowerment, waarmee ze haar ziekte-ervaringen betekenis gaf. Vanuit dat perspectief is het dan ook relevanter om te vragen hoe ze, onder invloed van medezusters en dokters, opnieuw grip kreeg op het leven en waarom haar genezingsverhaal zoveel weerklank vond bij andere mensen met multiple sclerose.
Meer lezen?
Shapiro, Johanna. ‘Illness Narratives: Reliability, Authenticity and the Empathic Witness’. Medical Humanities 37, no. 2 (2011): 68–72.
Cooter, Roger en Claudia Stein. Writing History in the Age of Biomedicine. Yale University Press, 2013.
Tim Debroyer is als doctoraatsonderzoeker van het FWO Vlaanderen verbonden aan de onderzoeksgroep Cultuurgeschiedenis vanaf 1750 aan de KU Leuven waar hij onderzoek doet naar de geschiedenis van patiëntenverenigingen in België binnen het project ‘Voorbij zelfhulp: Patiëntenorganisaties, gezondheidsactivisme en ziektebeelden in België sinds 1940’.
Titelafbeelding: Postkaart van de Sauerlandklinik in het Duitse Hachen, jaren 1970. (Privécollectie auteur)


Ik heb enkele jaren met zr. Myriam in de gemeenschap van St. Bavohumaniora geleefd.
Zr.Myriam volgde toen het Evers dieet zeer strikt en ging verschillende keren naar Duitsland.
Zij nam tot op zekere hoogte deel aan het gemeenschapsleven, maar kon echt niet als een gezond iemand functioneren.
Voor zover ik dat verder heb kunnen volgen was dat verder gedurende haar hele leven het geval.
Wel heeft zij honderden patiënten begeleid en nieuwe levensmoed gegeven.
Hartelijk dank voor de getuigenis van zuster Myriam Verwilghen, die ik persoonlijk goed gekend heb, en heel bewust heb meegeleefd met haar strijd en hoop in haar ziekte.