Door Anna Cabanel
Stel je voor: te midden van de pittoreske heuvels van Emilia-Roimagna, in het noorden van Italië, ben je aan het ontspannen in een prachtig kuuroord, badend in het mineraalrijke water onder diverse elegante art-decodetails van het interieur. Glinsteren mozaïeken die mythologische taferelen van genezing afbeelden glinsteren om je heen, terwijl de beelden in het park de grandeur van de oudheid oproepen. Het lijkt de perfecte plek om nieuwe energie op te doen, ware het niet dat deze kuuroorden voor meer dan alleen maar wellness zijn gebouwd.
Ontdek de verborgen geschiedenis van de kuuroorden in het fascistische Romagna, waar het drinken van het water in deze idyllische heuvelstadjes gepaard ging met een flinke dosis ideologische indoctrinatie.
Het creëren van het ‘ideale’ kuuroord
In de jaren dertig transformeerde het regime van Mussolini twee bescheiden provinciale kuuroorden in de regio Romagna, Castrocaro Terme en Fratta Terme, tot iets ongekends: architectonische pronkstukken die therapeutisch toerisme combineerden met sociale manipulatie om de ‘ideale’ fascistische burger vorm te geven.
De transformatie was spectaculair. Fratta Terme werd in twee jaar tijd (1936-1938) verbouwd tot een indrukwekkend Grand Hotel met eigen thermale baden, terwijl het voordien zelfs geen formele badfaciliteiten had. De gebogen gevel leek net een modernistische omhelzing, ontdaan van alle versieringen maar rijk aan betekenis. Het samenspel van rationalistische en klassieke vormen benadrukte dan ook het Romeinse verleden van de stad en de band van het fascistische regime met een verbeeld imperiaal verleden. Castrocaro Terme kreeg de volledige behandeling: enerzijds een rijkelijk versierd kursaal, de Pagilione delle feste, met speelzalen, een bar en een leeszaal, allemaal versierd met mozaïeken en muurschilderingen van de beroemde Italiaanse kunstenaar Tito Chini, en anderzijds een Grand Hotel waar mineraalwater rechtstreeks tot in de privébadkamers stroomde.

Maar achter die luxe ging symboliek schuil: het nieuwe thermale complex in Castrocaro werd gebouwd in de vorm van een ‘M’, een onmiskenbaar eerbetoon aan Mussolini zelf. Die symboliek bleef bovendien niet beperkt tot één stad: omdat Romagna de geboorteplaats van Mussolini was, werd de hele regio omgetoverd tot een podium voor fascistische vernieuwing. Predappio, de geboorteplaats van Il Duce, werd een bedevaartsoord, en wellness en ideologie werden verweven tot een machtslandschap, van de kuuroorden van Castrocaro en Fratta tot de jeugdkampen aan de Adriatische kust.
Doordrenkt van ideologie
De ambities van het fascisme voor Castrocaro en Fratta gingen nog een stuk verder dan architectuur. Hoewel hun mozaïeken in art-decostijl en rationalistische gevels symbool stonden voor een modern Italië, onthult de manier waarop de kuuroorden werden gebruikt iets diepers: gezondheid zélf werd ingezet als instrument van (bio)politiek.
De twee kuuroorden belichaamden Mussolini’s idee van necessità e grandezza (noodzaak en grootsheid). Castrocaro straalde de grootsheid van de fascistische moderniteit uit en richtte zich met luxe en prestige op de elite en internationale bezoekers (waaronder leden van de Italiaanse diaspora). Fratta vervulde dan weer de noodzakelijke welzijnsfunctie, werd beheerd door het Italiaanse nationale instituut voor sociale zekerheid van het regime en richtte zich op arbeidersgezinnen. Samen brachten ze een dubbele maar complementaire visie op het fascisme tot uiting: enerzijds een spektakel voor de elite, anderzijds welzijn voor de massa.
Dat laatste kreeg concreet vorm in termalismo sociale (sociaal thermalisme), een programma dat gratis of sterk gesubsidieerde spabehandelingen aan arbeiders, met name in de industriële sector, aanbood. Tussen 1928 en 1940 profiteerden meer dan 29.000 Italianen van die regeling. Op het eerste gezicht lijkt dat programma progressief: door de staat gesponsorde gezondheidszorg en welzijn voor de arbeidersklasse. Maar het programma omvatte bewust opgezette ervaringen die ervoor moesten zorgen dat de productiviteit optimaliseerde, de sociale spanningen verminderden en de consensus bevorderd werd, terwijl tegelijkertijd ook de loyaliteit aan het regime versterkte. Bezoekers volgden strikte routines, ondergingen geplande behandelingen en namen deel aan vrijetijdsactiviteiten die telkens doordrenkt waren van fascistische waarden.

Lichaam, politiek en gender
De fascistische benadering van welzijn was niet genderneutraal. Het regime zag kuuroorden als cruciale locaties voor het versterken van de traditionele genderrollen en het bevorderen van haar demografische doelstellingen. De gezondheid van vrouwen werd namelijk bijna uitsluitend bekeken door de lens van moederschap en vruchtbaarheid – het water van Castrocaro werd zelfs gepromoot omdat het de vruchtbaarheid zou bevorderen.
De visuele propaganda versterkte die boodschappen. Muurschilderingen toonden geïdealiseerde kerngezinnen met vrouwen als verzorgers, telkens in een landelijke omgeving. De geënsceneerde foto’s van het bezoek van Mussolini zelf aan Castrocaro in 1939, tonen hem dan ook omringd door dokters en verpleegsters, glimlachende vrouwen en gezonde kinderen, die op die manier zijn fascistische biopolitieke ambities belichaamden.
Voor jongeren waren zulke gezondheidsinitiatieven verbonden met een breder netwerk van zomer- en jeugdkampen langs de Adriatische kust. Kinderen uit arbeidersgezinnen werden naar rationalistische gebouwen gestuurd waar zontherapie, zeebaden, lichaamsbeweging en ideologische vorming hand in hand gingen. De meest iconische van die kolonies was Le Navi in Riccione, ontworpen in de vorm van een schip. De Colonia Bolognese, op de foto hieronder, stond, net als veel andere vakantiekolonies, ook langs de kustlijn. Massale gymnastiek en strakke routines moesten daar de fascistische visie van gedisciplineerde en gezonde jongeren belichamen.

Het hiernamaals van ideologie
Vandaag de dag bestaan veel van deze kuuroorden nog steeds, hoewel hun donkere geschiedenis vaak wordt verdoezeld in toeristische brochures die de nadruk daarentegen leggen op de natuurlijke hulpbronnen en moderne voorzieningen in plaats van op het fascistische verleden. Castrocaro bestaat immers ook vandaag nog steeds als wellnessbestemming, waarbij de art-decodetails nu worden gewaardeerd om hun esthetische kwaliteiten in plaats van om hun oorspronkelijke politieke bedoelingen.
Dat roept ongemakkelijke vragen op over hoe we omgaan met de architectonische erfenis van autoritarisme, vooral wanneer die verbonden is met gezondheidszorg, toerisme en wellness –zaken die we vandaag de dag nog steeds waarderen. Kan een prachtig gebouw dat voor propagandadoeleinden is ontworpen politiek neutraal zijn? Hoe herinneren we ons moeilijke geschiedenissen wanneer deze verankerd zijn in ruimtes die bedoeld waren voor genezing en plezier?
Het verhaal van de fascistische kuuroorden in Italië herinnert ons eraan dat wellness en politiek nooit van elkaar te scheiden zijn. De manier waarop we naar gezondheid kijken zegt iets over hoe de samenleving zou moeten functioneren, wie zorg verdient en wat een ‘goed leven’ precies inhoudt.
De volgende keer dat u een prachtig kuuroord bezoekt, bedenk dan dat zelfs het zuiverste water uit een roerig verleden kan stromen.
Meer lezen?
Anna Cabanel and Christian Noack, ‘Rejuvenating the Nation: Health Resorts, Baths, and Biopolitics in Fascist Italy’, Journal of Tourism History (2025), 1–13 (https://doi.org/10.1080/1755182X.2025.2577429).
Francesco Cianfarani, ‘The Fascist Legacy in the Built Environment’, in Routledge Companion the Italian Fascist Architecture, eds. Kay Bea Jones and Stephanie Pilat (London: Routledge, 2020).
Micaela Antonucci, ‘Architettura e regime: le opere realizzate dal Fascismo in Romagna’, in Architecture, totalitarian regimes and memory of the 20th century. Contributions to the Birth of a European Cultural Route, eds. Claudia Castellucci et al. (Forlì: Casa Walden Editrice, 2023), 43–53.
Anna Cabanel is postdoctoraal onderzoeker bij de onderzoeksgroep Cultuurgeschiedenis sinds 1750 aan de KU Leuven. Ze is deel van het ERC-project ‘Global Academies’, waarin ze de ontwikkeling en regulerende rol van wetenschappelijke genootschappen en academies in Frankrijk en de Verenigde Staten tussen 1930 en 1990 bestudeert en vergelijkt. Haar onderzoeksinteresses bevinden zich op het snijvlak van gendergeschiedenis en de sociaal-culturele geschiedenis van wetenschap, vanuit een transnationaal en vergelijkend perspectief.
Titelafbeelding: Tito Chini’s kaart van Romagna, in het Padiglione delle Feste in Castrocaro Terme (jaren 1930). [Bron: Tito chini, padiglione delle feste di castrocaro, atrio circolare, mappe della romagna e della sua riviera (03 terra del sole e castrocaro), foto door Sailko, 2019. Licentie: CC BY 3.0].
